Hoe ga jij om met je slagroommachine? Weet je zeker dat jouw medewerkers geen sieraden dragen, en is iedereen op de hoogte van de nieuwe allergenenlijst? Nu is hét moment om je als ijssalon voor te bereiden op het nieuwe ijsseizoen. Hier volgen vier kritische punten om goed op te letten.
1. Check de nieuwe allergenenlijst
Als het goed is, kent iedereen de lijst met veertien allergenen. Deze gebruik je om vast te leggen welke allergenen er in jouw producten zitten. Zodra klanten ernaar vragen, hebben jij en jouw medewerkers het antwoord paraat.
De allergenenlijst is uitgebreid. Niet met extra allergenen, maar met een aantal specificaties. In plaats van alleen ‘gluten’, moet je nu aangeven om welke soort het gaat: tarwe, rogge, gerst of haver. En bij noten doe je hetzelfde: amandel, hazelnoot, walnoot, cashew, pecan, pistache, paranoot en macademia noten.
De specificaties zijn toegevoegd om mensen met een allergie minder te beperken in hun keuzevrijheid. Iemand is misschien wel allergisch voor hazelnoot, maar niet voor pistache. Of iemand is allergisch voor rogge maar niet voor haver.
Hangt/staat de allergenen-signing ‘heeft u vragen over allergenen, vraag het een medewerker’ nog steeds in het zicht van de consument?
De nieuwe allergenenlijst kun je hier downloaden in pdf of Excel
2. Check je slagroommachine
De ene slagroommachine werkt met een bag-in-box, de andere heeft een reservoir dat bijgevuld moet worden. Juist met dat bijvullen moet je oppassen, zegt inspecteur Voedselveiligheid Pieter Heuvelmans. “Wanneer je het reservoir de hele dag maar bijvult, aan het eind van de dag in de koeling plaatst en de volgende ochtend weer terug in de machine zet, neemt de kans op bacteriegroei toe. Zorg dat het reservoir aan het eind van de dag leeg of bijna leeg is. Maak het reservoir zorgvuldig schoon en begin de dag erna met een nieuwe voorraad slagroom. Reinig en desinfecteer de slagroommachine volgens de instructies van de machinefabrikant. Doe hetzelfde met de spuitmond van de machine en raak deze nooit met de blote hand aan.”
3. Check je medewerkers
Het lijkt zo simpel, maar inspecteurs komen het toch nog tegen: medewerkers met sieraden om. Sieraden dragen bacteriën over en maken het moeilijker om handen goed te wassen. Daarnaast kunnen ze kapot gaan waardoor delen in voedsel terecht kunnen komen. Ook vormt het een risico voor de veiligheid van medewerkers, omdat ze met sieraden kunnen blijven steken achter apparatuur of keukengerei. “Stel huisregels op, instrueer je medewerkers goed, ook de vakantiekrachten”, zegt Pieter Heuvelmans. “En dat niet alleen: controleer ook of ze zich aan de afspraken houden.”
4. Check je spons
Bij de vitrine ligt vaak een doekje of sponsje om de ijsknijper na het spoelen op droog te deppen. Hier kunnen bacteriën op groeien dus deze moeten regelmatig vervangen worden, in ieder geval meerdere keren per dag. Let er ook op dat een doekje niet gaat rafelen, want die deeltjes kunnen in het ijs terechtkomen. Als je een desinfectie-emmer voor de doekjes of sponsjes gebruikt, spoel de doekjes of sponsjes dan voor gebruik goed uit met schoon water. Sommige ijssalons hebben een systeem waarbij er elk uur een wekker gaat voor het vervangen van doekjes en sponsjes.